Drie in dertig

Drie in Dertig: Antoine Vander Auwera

Antoine Vander Auwera is theaterdocent aan Dé Kunsthumaniora in Antwerpen.

Probeer het onderzoek lief te hebben. Het materiaal waar je mee bezig bent, leeft en laten we het leven koesteren en ook liefhebben. Dat gebeurt vaak te weinig.’

ANTOINE

“Vertrouwen geven in het feit dat ze de mogelijkheid hebben om zich te ontwikkelen als maker, als speler: ik denk dat dat het allerbelangrijkste is.

Het fascinerende is dat ik eigenlijk altijd uitkom bij heel verschillende stijlen, als ik het zo kan noemen, en dat is precies de bedoeling. Eigenheid, oorspronkelijkheid opzoeken.

Ik vind het essentieel voor hen om in de wereld te staan. Ik vind het belangrijk om dat aan te wakkeren: jullie zijn de makers van morgen, probeer te ontwaken uit uw slaap. In een school word je ook in slaap gewiegd, er wordt je voorgekauwd wat er gedacht moet worden. Trek de wereld in, open uw ogen. Wat zou jij maken moest je nu, op dit moment, maker zijn? Wat wil jij de wereld vertellen? En dan kom je tot verbinden: jezelf verbinden met de wereld rondom u.

Een maker wordt altijd geconfronteerd met een leeg blad, en daarbij de angst voor dat leeg blad. Doel is om te proberen te leren een structuur te maken voor uzelf. En natuurlijk help ik daarbij. Door vragen te stellen en de studenten tools te geven om verder te onderzoeken, in functie van het vermoeden dat ik heb van welke artistieke persoonlijkheid zij hebben. Je hebt een soort empathie nodig, een aanvoelen van wie de student is waarmee je werkt. En een zoektocht naar welke wereld hoort bij deze persoon en dan: hoe kan ik helpen om die persoon een plateau te geven om die wereld te tonen?”

 

Inspiratiebronnen van Antoine:

Antonin Artaud:

“Het opsporen van de surrealistische denkwereld spreekt me aan in het denken en het werk van Artaud, het onderbewuste aangaan. Ik vraag studenten om zich in het materiaal te gooien, te durven, risico aan te gaan zonder de zekerheid dat het iets ‘goed’ zal opleveren om te tonen.

Uit ‘Theater en de pest’ haal ik dat theater moet werken als de pest: onzichtbaar en besmettelijk zodat je als toeschouwer in een toestand van fascinatie zit als je een voorstelling ziet.

Als maker kom je op een zeker moment tot de vraag: wat wil ik vertellen? Waar gaat mijn verhaal over? En dat moet precies zijn. Je moet precies weten waar je, net als een schrijver, uw punten en uw komma’s zet. Dat is essentieel.”

Over ‘Le théatre et la peste’ van Artaud: het artikel ‘Het virus, de pest en Artaud’ van Wout Van Tongeren uit Odeon, nr 118, pagina 25.

ODEON_NUMMER_118_LR_spreads.pdf (operaballet.nl)

Jerzy Grotowski:

“Ook dit is een inspiratiebron: in zijn werk zit zowel het uitgebreid experimenteren als het wat hij wil vertellen heel precies uitwerken in de voorstellingen die hij maakte.

In het begeleiden van een maakproces van jongeren, wil ik de studenten niet plaatsen in die traditie maar wat ik meeneem, is dat ik wil dat wat ze maken boeit. Dat is voor mij belangrijk. Dat geef ik de studenten als opdracht mee.”

Training at Grotowski’s “Laboratorium” in Wrozlaw in 1972 Screener – YouTube

LEES MEER

Plaats een reactie